De vaccinatie van de kat
Iedere eigenaar die zich erom bekommert om zijn kat goed gezond te willen houden, moet deze door vaccinatie tegen ernstige ziekten beschermen. Doordat er verschillende vaccins beschikbaar zijn gekomen is het voorkomen van verscheidene ernstige kattenziekten in de koop van de jaren voor een groot deel afgenomen. Hoewel het aantal gevaccineerde katten in de loop van de tijd regelmatig is toegenomen, worden de katten in Europa niet zo veel uitgerust met medische voorzieningen dan de honden en dus niet zo veel goed door preventieve vaccinaties beschermd. Een aantal ziekten die bij de kat voorkomen zijn dodelijk. Andere echter, brengen het leven van het dier maar zelden in gevaar, maar het is altijd beter van de mogelijkheid gebruik te maken om deze door vaccinatie van de kat niet te laten optreden. Van alle mogelijke vaccinaties zijn er bepaalde onmisbaar, andere worden sterk aanbevolen en andere worden in bepaalde situaties aanbevolen. Tenslotte kan men het betreuren dat er niet voor elke ziekte die tegenwoordig geïdentificeerd wordt ook een daarmee corresponderend werkzaam vaccin beschikbaar is. De zoönosen, of antropozoönosen, zijn algemene ziekten die zowel bij de mens als bij het dier voorkomen. De voornaamste ziekten die de kat en de mens gemeen hebben zijn de hondsdolheid, de toxoplasmose, de tuberculose en de kattenkrabziekte. Geen enkele daarvan vormt tegenwoordig een probleem, of het nu van het dier naar de mens is of omgekeerd. Hondsdolheid wordt tegenwoordig goed in de hand gehouden door een reglementering die vaccinatie tegen deze ziekte onder bepaalde omstandigheden verplicht stelt.