Roodschoudertaling
Algemeen
Voor een beginnend eendenliefhebber is de roodschoudertaling, naast de mandarijneend, meestal één van de eerste soorten die men aanschaft. En met rede natuurlijk, want dit schattige eendje bekoort iedereen. De roodschoudertaling wordt, net als de mandarijneend tot de pronkeenden gerekend. Ze ruziën niet met andere eenden en ze planten zich gemakkelijk voort. Hoewel de jongen toch wel enige bescherming nodig hebben als het slecht weer is. Het mannetje en het vrouwtje verschillen aanmerkelijk. Tijdens de ruiperiode behoudt het mannetje zijn prachtige vederkleed. Hij is dus het ganse jaar op kleur. De roodschoudertaling noemt men ook wel eens de ringtaling, omdat op de gestrekte vleugels een zwart omrande rond witte vlek te zien is. Deze watervogel is oorspronkelijk afkomstig uit Zuid-Amerika. Reeds in het begin van de 20ste eeuw werd ermee gekweekt in West-Europa. Aanvankelijk was deze vogel door het verschil in klimaat niet winterhard. Doch doordat er reeds lange tijd mee gekweekt wordt, is hij winterhard geworden. Binnenzetten in de winter kan dan ook meer kwaad doen als goed.
Beschrijving
Zoals reeds aangehaald verschilt het mannetje aanmerkelijk van het vrouwtje. De jongen lijken aanvankelijk op het vrouwtje. Het verschil tussen een mannetje en een vrouwtje kan op jonge leeftijd gezien worden aan de witte vlek aan het oog.
Mutaties
Van de roodschouder zijn twee mutaties gekend:
- De split
- De blonde
Een bevriend eendenkweker kon in het jaar 1999 zijn ogen niet geloven toen uit het ei van een lees meer over Roodschoudertaling


