Versicolortaling
Algemeen
De versicolortaling is ook weer zo'n eendje dat door zijn 'zwartkap' op het hoofd er bijzonder schattig uitziet. Het lijkt wel alsof zijn ogen onder de zwarte kap verborgen zitten. Hij is net zoals de roodschoudertaling oorspronkelijk afkomstig uit Zuid-Amerika. Door het feit dat deze taling reeds tientallen jaren in onze streken wordt gekweekt, heeft hij zich aangepast aan ons klimaat en is hij winterhard geworden. Verwar de vogel niet met de hottentottaling die ook een zwarte kap heeft, maar die kleiner is en op de wangen bovendien een donkere vlek heeft. De versicolortaling is over het algemeen bijzonder zwijgzaam. Hoewel soms kan bij goed luisteren toch een zacht geluid waargenomen worden. De diertjes zijn niet agressief. Ze blijven het ganse jaar door op kleur.
Beschrijving
Het mannetje en het vrouwtje vertonen hetzelfde vederkleed. Het verschil kan opgemerkt worden o.a. in de gestalte. Het vrouwtje is iets kleiner dan het mannetje. Bovendien is het vrouwtje matter getekend, hoewel dit met het blote oog nauwelijks te zien is. Een ander herkenningspunt is de vlek aan beide zijden van de snavelbasis. Bij het mannetje is deze hel geel gekleurd. Bij het vrouwtje is deze eerder donker.
Mutaties
Voor zover geweten zijn er geen mutaties gekend van de versicolortaling. Er zijn wel enkele ondersoorten gekend. Deze ondersoorten zijn:
- Anas versicolor versicolor (zoals hier besproken, dit is qua gestalte de kleinste)
- Anas versicolor fretensis (dit is de meest zuidelijke soort en is qua gestalte de middelste)
- Anas versicolor puna (dit is de meestt noordelijke soort en is qua gestalte de grootste)
Voortplanting
Paring
De paring verloopt zoals bij andere eenden. Vooraleer het mannetje het vrouwtje bestijgt, zullen ze eerst even met pompende hoofdjes naast elkaar zwemmen. Als de paring afgelopen is, reinigen ze zichzelf.
Nest
In de natuur nestelen ze vooral in de dichte oevervegetatie. In gevangenschap gebeurt dit meestal in nestkasten op een paaltje of op de grond.
Eieren
De versicolortaling legt 8 à 10 crèmekleurige eieren, die met donker dons bedekt worden bij het verlaten van het nest. Zo blijven de eieren warm.
Broeden
De broedduur is ongeveer 25 dagen.
Uitkomen jongen
Na ongeveer 25 dagen komen de jongen uit. Ze zijn klein en dus kwetsbaar bij slecht weer.
Ringmaat
Maat L1 - 8
De jongen kunnen best geringd worden na twee à drie weken.




