Voeding en voedingsproblemen bij de kat
De voeding
Iedere kat dient zo gevoed te worden dat ze voldoende voedingsstoffen krijgt. Om gezond groot te worden heeft een kitten veel energie nodig. Veel meer dan haar volwassen moeder. Hoe ouder de kat hoe minder energie ze per kilo lichaamsgewicht verbruikt. Daarom is vooral in het eerste levensjaar de juiste samenstelling van de voeding bijzonder belangrijk. De kat ontwikkeld zich dan goed, blijft gezond en wordt niet te dik. Een kat heeft eiwitten nodig in haar voeding voor tal van lichaamsfunkties. Eiwitten zijn essentiële bouwstenen voor weefsels variërend van spierweefsel tot de haren van de vacht. Ook zijn eiwitten belangrijk voor de aanmaak van anti-lichamen die het afweermechanisme vormen tegen ziekten. Bovendien zijn ze een bron van energie. Jonge katjes hebben veel energie nodig om te groeien en te spelen. Omdat vetten een hoge energiewaarde hebben zijn ze ook een belangrijk voedingselement in de voeding voor jonge katjes.
De meest hoogwaardige eiwitten en de beste vetten betekenen niet veel voor de voeding van de kat als de vitamines en mineralen ontbreken of te veel worden toegevoegd. De kat kan de plantaardige stof caroteen niet als de mens omzetten in vitamine A. Katten missen hiervoor de benodigde enzymen. De kat heeft echter relatief veel vitamine A nodig, want een tekort in de groeifase kan leiden tot groeistoornissen. Anderzijds kan een teveel aan vitamine A botvergroeiingen veroorzaken. Dit kan gebeuren als een kat ongeveer uitsluitend verse lever wordt gevoerd.
Vitamine D is belangrijk voor de groei. Een tekort hieraan komt niet veel voor. Bij vitamine B moet men weer oppassen. Als deze gevoelige stof ontbreekt of als deze bij de bereiding van het voedingsmiddelen wordt vernietigd, kan er een tekort ontstaan. Verschijnselen hiervan zijn o.a. tekort aan eetlust, overgeven en kramp. Kattenvoeding moet dus vitamines in de juiste verhouding en hoeveelheden bevatten.
Calcium is van vitaal belang voor de groei en ontwikkeling van het beenderenstelsel. Ook calcium en fosfor moeten samen, in de juiste verhouding, in de voeding voorkomen. Een geringe maar regelmatige hoeveelheid jodium is tevens nodig, terwijl de hoeveelheid magnesium zo laag mogelijk gehouden dient te worden. Een gezonde kat herkent men aan haar heldere ogen en de dikke glanzende vacht. Ook is ze allert en actief. De kat moet goed gevoed zijn. maar ze mag niet te dik worden.
Voedingsproblemen
Stem de voeding altijd af op het ras en de lees meer over Voeding en voedingsproblemen bij de kat


